Rubberen Boterhammenzakjes

[Opdracht Creatief Schrijven || Thema: geheimen en taboes]
Onderdeel Meesterproef

Rubberen Boterhammenzakjes


“Rustig aan! Alsjeblieft, ik word stapelgek van je. Voor de laatste keer: ik ga niet met haar naar bed!”, schreeuw ik.
“Waarom spreek je dan zo vaak met haar af?”, vraagt Laura. Ze vecht tegen haar tranen, tevergeefs.
“Schat, ik houd van je, meer dan wie dan ook. Maar Charlie en ik zijn heel goede vrienden, altijd al geweest, ze heeft me nodig.”
“Ze heeft je de laatste tijd wel heel veel nodig.”
“Dat klopt, ja.”
“En je wilt niet zeggen waarom?”
“Nee, sorry, dat is persoonlijk.”
“Flikker op man, als ik je een keer nodig heb, dan kom je niet als een mak lammetje naar me toe kruipen.”
“Ik dacht dat wij hadden afgesproken nooit afhankelijk van elkaar te worden. Weet je nog? Ga dan uit elkaar….”
“Hypocriet ben je.”
“Als je wilt weten wat er met Charlie is moet je het haar vragen. Ik heb beloofd mijn mond te houden.”
“Ik kan gewoon niet tegen dat stiekeme gedoe! Ik wordt daar heel kriebelig van…”
“Niet nodig lief… Echt, vertrouw me! Ik meen het. Ik zou nooit tegen je kunnen liegen.”
“Beloofd?”
“Beloofd!”
Laura slaat haar armen om mijn nek. Ik kijk op mijn horloge.
“Oké, ik moet vliegen!”, zeg ik. Ik geef Laura een kus, pak in een snelle beweging mijn jas en sprint de deur uit.

“Mocht je wel de deur uit van je moppie?”, vraagt Charlie als ze mijn jas aanneemt.
“Ja, natuurlijk” lieg ik, “die doet daar niet zo moeilijk over.”
Ik schud zoveel mogelijk regenwater uit mijn haar, maar het lijkt alleen maar natter te worden.
“Arm schatje, helemaal door de regen.”
“Ja, ach, het is niet anders.”
Charlie ziet eruit alsof ze nog niets heeft uitgevoerd de hele dag; ongekamd haar, joggingbroek en waarschijnlijk de grootste sweater die in de huiselijke omgeving te vinden was.
“Alles goed met jou?”, vraag ik.
“Naar omstandigheid goed. Lekker de hele dag tekenfilms gekeken met een grote pot thee.”
“Klinkt prima. Nog steeds moe?”
Charlie zwijgt en loopt naar de woonkamer. Ik volg haar braaf ,als een hondje dat achter het baasje aan loopt.
“Ja ach,”, zegt ze wanneer de deur opent, “het went wel, maar ik ben mezelf niet daardoor.”
Dat iets went wil natuurlijk helemaal niet zeggen dat iets goed is. Een slecht huwelijk went ook. Elke dag geslagen worden went vast ook, maar het is nog steeds verkeerd.
“Goed dat het went.”, mompel ik.
De woonkamer ziet er niet uit. Overal liggen verpakkingen van half aangevreten consumpties, lege flessen en verfomfaaide kledingstukken. Ik wil eigenlijk voorstellen het op te ruimen, sterker nog ik sta op het punt gewoon te beginnen, maar misschien zou ze dat verkeerd opvatten. Ze is geen gehandicapte ofzo.
“Wil je thee?”
“Lekker.”
“Sorry, moest nog beginnen met opruimen.”
“Maakt niet uit.”
“Ik was echt gewoon te moe, die remmers slurpen nog meer energie dan een volledige middag seks. En zelfs daar heb ik geen zin meer in.”
Charlie wijst naar een doosje pillen.
“Neem je ze nog wel braaf?”
“Natuurlijk, ik heb geen keus.” Ze gaat zitten op de bank, ergens tussen een kussen en een broek die ze waarschijnlijk twee dagen terug voor het laatst aan had.
Mijn mobiel geeft een piepje. Beide werpen we er een blik op.
“Laura?”
“Waarschijnlijk…”, zucht ik.
“Antwoord je niet?”
“Geen zin in.”
“Weet ze over mij?”
“Nee, dat wilde je toch niet?”
“Nee weet ik. Maar toch het is je vriendinnetje.”
“Ik heb beloofd mijn mond te houden nietwaar?”
“Dat is heel lief van je.”
Even is het stil en blazen we onze thee koud.
“Heb jij je nou al laten testen?”
“Ja, maar ik weet nog niets.”
“Nogmaals, sorry.”
“Ja, nu houd je op hoor, al dat gesorry. Het is niet jouw schuld.”
“Hoe doe je dat nu eigenlijk met Laura?”, vraagt Charlie, “Als ik dat mag vragen.”
“Nou… Eh… Niet dus voorlopig.”
“Haha, arme jongen! Er bestaan nog steeds rubberen boterhammenzakjes hoor.”
“Ja, maar dan heeft ze meteen iets door.”
“En nu niet?”
“Jawel… Minder denk ik.”
Ik zie weer een berichtje verschijnen op mijn mobiel. Ik doe alsof ik het niet zie. Charlie ook.
“Ik ga zo maar even slapen denk ik.”, zegt ze.
“Ik ben er net! Maar het mag hoor.”
“Ik ben echt heel moe, sorry.”
“Nee, het is je gegund.”
“Ik zou het wel fijn vinden als je even bij me komt liggen. Praten we nog even, misschien slaap ik dan beter.”
Ik kijk naar de gang. Die is zo dichtbij. Het is het beste om gewoon naar huis te gaan.
“Is goed”, zeg ik.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s