Contaminatie, meneer

[Opdracht Creatief Schrijven]

“Gaat meneer Caspers zijn mobiel nog wegleggen?”
“Ik zou er niet oprekenen meneer”, zegt Dennis zacht zonder zijn leraar aan te kijken.
Van Zant loopt met grote passen richting het tafeltje van Dennis. Op dat moment legt Dennis zijn mobiele telefoon op het hoekje van zijn tafel en kijkt zijn leraar aan. Van Zant buigt zich over Dennis heen, waardoor Dennis zijn hoof in zijn nek moet leggen om zijn leraar nog aan te kijken.
“Gaan we dit nou elke keer krijgen Caspers?”
Er komt een harde gitaarsolo uit de mobiele telefoon van Dennis en trilt bijna van de tafel af. De klas om de twee heen schiet meteen in de lach. Van Zant gromt. Dennis blijft hem aankijken met een stijf glimlachje die hem ervan weerhoudt zelf in een deuk te liggen.
“Stop hem nou maar in uw broekzak en houd hem stil.”
Dennis zwijgt maar lijkt te gehoorzamen. Hij pakt zijn mobiele telefoon en stopt hem in zijn broekzak. Van Zant loopt weer richting het bord. Halverwege zijn expeditie naar een goeddraaiend college, klinkt wederom dezelfde gitaarsolo uit de broekzak van Dennis.
“Moet ik het nou nog een keer herhalen?”, schreeuwt Van Zant en loopt stampvoetend weer richting Dennis’ tafel.
“Nou…”, spreekt Dennis rustig, “dat klopt niet wat u zegt meneer.”
Van Zants ogen staan wijd open, en er verschijnen langzaam wat zweetdruppels op zijn rode hoofd. Ook is het, voor Dennis bekende, blauwe adertje boven zijn linker wenkbrauw goed te zien door een extra zwelling. Even is het stil. De leerlingen om de twee heen houden hun adem in, in afwachting van wat de koelbloedige Dennis te zeggen heeft.
“Als u zegt ‘moet ik dat nóg een keer herhalen’ impliceert u dat u het al een keer herhaalt heeft en dat klopt niet, toch?”
De onderlip van Van Zant begint te trillen.
“Ga niet zo de betweter uithangen meneer Caspers.”
Dennis kijkt om zich heen. Alle ogen waren op hem gericht.
“Mijn excuses meneer. Ik wil u simpelweg attenderen op uw fout en mijn collega-studenten ervan weerhouden het zelfde gedrag te gaan vertonen. Ik vind dat er al teveel verloedering zich in de Nederlandse taal wortelt.” Dennis bijt even op zijn pen. “Als ik zo eerlijk mag zijn.”
Er klinkt een zachte maar diepe “oew” vanuit het publiek in de klas. Even kijkt hij weg van zijn leraar en grijnst naar rechts, waar de meeste meisjes zitten. Dennis snapt dat een discussie aangaan met een leraar een niet te winnen oorlog is. Zelfs de meest geniale argumenten en slimste one-liners van een leerling, verliezen het altijd van de domme kracht der autoriteit. Maar het ging niet om winnen. De blikken in de ogen van de andere leerlingen gaven Dennis een kick. Respect en status, imago en reputatie, ze zijn niet uit te drukken in cijfers maar blijken belangrijker voor hem als de aardrijkskunde die meneer Van Zant probeert te geven.
“Laat ik je niet meer horen en je telefoon ook niet meneer Caspers, anders mag u hem inleveren bij de rector.”
Dennis wil zijn vinger nog opsteken maar die verandert halverwege zijn oor in een vuistje voor zijn mond.
Van Zant zucht wanneer hij het bord nadert. Hij draait zich om en kijk Dennis nog even aan, die nog steeds een arrogant glimlachje op zijn gezicht heeft staan.
“We kunnen weer verder dames en heren. Willen jullie je boek openslaan op bladzijde 36 en de eerste hoofdstukken lezen, dan ga ik de schema’s even uitprinten.”
“Contaminatie, meneer!”, roept Dennis.
“Het is mooi geweest meneer Caspers, ga uw mobiel maar bij de rector inleveren.”
Dennis blijft op zijn stoel gekleefd en verroert geen vin.
“Wat heeft mijn mobiel met uw fouten te maken?”
Dennis verheft voor het eerst zijn stem. “Uitprinten? Kom op zeg, u bent leraar. Moet ik de Nederlandse leraar optelefoneren? Of zal ik het even nachecken? Sorry… Maar ik ga me hier echt niet voor verexcuseren!”
De leerlingen die de grap van Dennis doorhebben kan je opvegen. De rest kijkt Dennis een beetje schaapachtig aan.
Meneer van Zant hield zijn zweterige handen stevig vast aan zijn bureau. Hij staat zo breed mogelijk en kijkt Dennis diep in de ogen aan. Dennis hangt achteroven in zijn stoel.
“Echt meneer Caspers, nu is het genoeg!”, schreeuwt meneer Van Zant. Maar hij wordt onderbroken door de bel.
Dennis lacht ingetogen en staat op. Langzaam en relaxt slentert hij richting de deur.
“Ach kom op meneer, zand erover!”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s